Een cursus op vraag van de inschakelingssector
Eerste editie pedagogische basiscursus voor Brusselse instructeurs en werkbegeleiders van inschakelingsorganisaties succesvol afgerond
Inschakelingsorganisaties organiseren begeleiding naar werk, opleiding en werkervaring voor doelgroepen. Instructeurs van opleidingsprojecten en werkbegeleiders, van werkervaringsprojecten staan in voor het aanleren van competenties die nodig zijn om op de arbeidsmarkt aan de slag te gaan. Ze werken meestal samen met (traject)begeleiders, die de deelnemers helpen met administratieve problemen ed.
Voor het gemak spreken we hierna verder over instructeurs, ook voor de werkbegeleider. Met het woord cursist bedoelen we alle doelgroepdeelnemers aan inschakelingsprojecten.
Goede instructeurs zijn broodnodig in de sector. Sommige beginnende instructeurs zijn wel goede vaklui, maar hebben weinig ervaring in het begeleiden van leer-werkprocessen, zeker van kortgeschoolde personen. Ook bij trajectbegeleiders is er vaak nood aan inzicht in de rol van de instructeur.
Vorige jaren lag Tracé Brussel vaak aan de basis van vormingsinitiatieven rond. één of meerdere aspecten van het leren of begeleiden van cursisten. Meestal werd daarvoor externe expertise ingehuurd. Deze modulaire en gefragmenteerde manier van werken is echter onvoldoende voor beginnende instructeurs. Zij hebben nood aan een brede basiscursus die hen introduceert in de manier van begeleiden van cursisten en in het werkveld.
Na overleg met de Brusselse Nederlandstalige inschakelingsorganisaties besloot Tracé Brussel een dergelijk aanbod te ontwikkelen. Het werd een programma van ongeveer 40 uren, gespreid over 7 vrijdagen, in de periode van begin april tot begin juni 2010.
De cursus ging telkens door bij een andere organisatie. Zo kregen de instructeurs al een eerste beeld van de verscheidenheid in de sector.
Met dank aan de volgende inschakelingsorganisaties, bij wie de cursus doorging of die meewerkten aan de cursus : Aksent, Atelier Groot Eiland, CAD De Werklijn, CBE Brusselleer, Groep Intro Brussel, Intec Brussel, JES, Schoolinterventieteam en Werkwinkel Zuid.
Concept
De cursusinhoud kwam tot stand in overleg met een Opvolgingsgroep van ervaren instructeurs en trajectbegeleiders. Uiteraard werd gebruik gemaakt van de bij Tracé Brussel en de inschakelingsorganisaties aanwezige knowhow.
Enkele instructeurs en trajectbegeleiders kregen ook het woord in de cursus.
Met de steun van de VGC Opleiding tot Werken werd tevens bijkomend didactisch beeldmateriaal aangemaakt, dat in de cursus aan bod kwam.
Inhoud
De sessies werden logisch opgebouwd, rond volgende items :
1. De instructeur en het inschakelingswerkveld.
- De functie en de rollen van de instructeur; de relatie tot de collega's.
- Inleiding tot het inschakelingswerkveld : publieke en private actoren, verschillen en gelijkenissen tussen opleiding en werkervaring.
2. De doelgroepen.
- Doelgroepkenmerken, diversiteit in problematieken, inschakelingsdoelen.
- Motivatie, leerbaarheid. Moeilijk coachbare cursisten.
- Instapvoorwaarden, intake, screening van kandidaten.
3. Het leren.
- Leerders, leerstijlen, leerprocessen.
- Situationeel leiderschap, invloed van de instructeur op het leerproces van de cursisten.
4. Een leer-werkproces opzetten.
- Doelen stellen, focussen op de arbeidsmarkt.
- Een leer-werkprogramma uitbouwen en realiseren. Inhoudelijke en vormelijke aspecten. Kiezen voor werkplekleren.
5. Pedagogische principes en didactische werkvormen.
- Pedagogiek en aanpak afgestemd op de doelgroepen.
- Aangepaste werkopdrachten geven. Cursisten coachen. Interactief werken.
- Resultaten en processen evalueren. Vooruitgang van cursisten in kaart brengen en evalueren.
- Voorbereiden op een job.
6. Aan de slag.
- Integratie van principes en werkvormen.
- Toepassing op de dagelijkse praktijk.
7. De instructeur en de lerende organisatie.
Evaluatie
De deelnemers stellen vast dat de job van instructeur of werkbegeleider moeilijk is. De instructeur moet niet alleen over vaktechnische bagage beschikken, maar hij moet vooral kunnen omgaan met cursisten. Hij moet inzichten hebben en technieken beheersen om leerstof aan te brengen, om competentieverhogende praktische opdrachten uit te werken. Tevens moet hij, samen met de trajectbegeleider, de correcte arbeidsattitudes aanleren en de vorderingen regelmatig opvolgen en zijn aanpak en programma kunnen bijsturen.
Bovendien moet de instructeur ook méér en méér aandacht hebben voor taalonder-steuning.
De 9 deelnemers aan de eerste basiscursus waren tevreden. Ze zijn overtuigd van de noodzaak aan dergelijk initiatief. Ze zullen het geleerde in de praktijk kunnen gebruiken.
Tracé Brussel biedt nog observaties aan op de werkvloer en één of twee terugkom-momenten in het najaar 2010.
In 2011 wordt een enigszins aangepast initiatief voorzien.
